Op reis door het land van Assad

We wilden naar de frontlinie, in Ras al-Aïn. Om daar te komen moesten langs Qamishli, waar nog vijfduizend Syrische soldaten zouden zijn gestationeerd. Maar onze chauffeur was een goede chauffeur, zei hij. Hij zou ons ook veilig langs alle wegafzettingen loodsen.

5Photos Andreas Stahl

Het oosten van Syrië is voor het grootste deel onder controle van de YPG, het vrijheidsleger van de Syrische Koerden. Zij stellen zich in ruil voor relatieve rust enigszins afzijdig op in de oorlog tegen het regime. Maar ze vechten wel degelijk. Op 22 juli verjoegen ze de Syrische overheid uit grote delen van de regio en op 12 november werden ook de meeste legereenheden verjaagd. Hoewel ze in delen van het land met het Vrije Syrische leger samenwerken, vechten ze de afgelopen tijd vooral met milities van de islamitische milities van Jabhat al-Nusra en Liwa al-Tawhid. De YPG zeggen: ,,Wij vallen niet aan, wij verdedigen ons alleen tegen buitenlandse extremisten.” Dat wilden wij zien, dus stapten we na een zeer korte nacht de auto van de goede chauffeur in.

We wisten dat het gevaarlijk was wat we deden, maar meden ieder woord over de dood of handicaps uit angst om bang te worden. In plaats daarvan luisterden we naar revolutionaire muziek van de YPG. In de stad Deriq wapperden nog overal de rood, groen en gele vlaggen van de Koerden en was het gezicht van Assad verwijderd van muurschilderingen. Maar na een paar kilometer passeerden we de eerste legerbasis van het Syrische leger. We konden de militairen een sigaretje zien roken toen we voorbij raasden. Assad keek er nog lachend vanaf een poster voor de ingang neer op de bevolking. ,,Zij hebben wel stroom,” mokte de chauffeur. Ik probeerde niet te bedenken wat er zou gebeuren als ze ons zouden zien.

_MG_0096

Voor Qamishli doemde het eerste checkpoint van het leger op. Honderd meter voordat we zouden worden aangehouden sloegen we een landweg in. We hobbelden verder via een paar boerendorpjes, vlak langs de Turkse grens, totdat de YPG de boel weer in handen had. We reden Qamishli in. ,,Binnenkort is dit onze stad,” zei de fikser trots. Overal hingen poster van Koerdische martelaren die stierven in de bergen. Daar streden ze de afgelopen 25 jaar tegen de Turken en het Syrische leger zij aan zij met de PKK. Beeltenissen van Assad waren in dit deel van de stad weggehaald, een standbeeld van de vader van Assad lag op de grond. Een paar honderd meter verder was er ineens weer een basis met Syrische soldaten en moesten de geblindeerde ramen dicht zodat niemand ons zou zien. Het was een reis door een mogelijke nachtmerrie. Maar tot dan toe ging alles goed.

_MG_0067

We passeerden een paar dorpen waar Arabieren woonden die Assad nog steeds steunen. Na een paar uur rijden doemden steeds meer jeeps van de YPG met enorme wapens op. We naderden het front. De checkpoints werden robuuster en we zagen de eerste vrouwelijke rebellen. Een van hen droeg een lipstick in haar kogelriem. In Sereqani, Ras al Aïn in het Arabisch, zat een vrouw met een kogelvrij vest naast een 82-jarige man met een kalasjnikov. Nadat zijn zoon was gedood door een strijder van Jabhat al-Nusra had hij besloten zelf de wapens op te pakken. Na wat gepraat met een lokale leider kregen we toestemming om naar het front te rijden. Daar moesten we vooral oppassen voor sluipschutters.

S3

We reden achter een brommertje aan en troffen een spookstad. Mensen scharrelden door lege straten en verschillende huizen lagen in puin. Bij een enorme krater stopten we. Alle huizen daaromheen waren kapot. Een man vertelde dat het zijn huis was en dat er vier mensen waren gestorven die dag. Overdag liep hij hier rond, s’nachts sliep hij bij vrienden. Even verderop was eenzelfde beeld. Het leger had er gebombardeerd. Het was bedoeld voor milities van Jabaat al-Nusra, zeiden zij. Die waren de avond van 8 november om drie uur s’nachts de stad ingereden om de macht over te nemen. De burgers geloven echter niets van deze vertelling. Volgens hen was het bedoeld om de Koerden angst aan te jagen. De dag ervoor waren de Koerden immers zelf in opstand gekomen tegen Assad.

_MG_0115

We reden verder, stopten bij een aan puin geschoten café en kregen te horen dat er een clusterbom was ingeslagen. Maar de stedelingen vreesden voor de islamitische milities die volgens hen voor veel geld van verschillende partijen tegen hen oorlog voerden. Een man vertelde dat de islamitische milities de christelijke eigenaar van een drankwinkel hadden gedreigd zijn hand af te hakken en een YPG strijder hadden overreden om een voorbeeld te stellen. Via een paar aan puin geschoten straten kwamen we aan bij het front. Een groepje jongemannen met kalasjnikovs zat om een vuurpot en legden uit hoe de situatie er voorstond.

,,Iets verderop zit Al Nusra. Ze komen uit Idlib, Homs, Libië of via Turkije naar hier. De Turken trainen en betalen hen en laten ze binnen om ons aan te vallen. Ze willen de Koerden hier niet want ze zijn bang dat we de PKK steunen,” zegt een lokale rebellenleider. In een huis hier verderop, waar een leider van Jabhat al-Nusra was gestationeerd, vonden ze naar eigen zegen een Turkse vlag en een verslag van een vergadering in Turkije waar werd gesproken om de Koerden aan te vallen. Iemand liet een foto van een vlag en een brief op zijn telefoon zien die onleesbaar was. Momenteel waren de meeste islamitische milities verjaagd, maar een deel hield zich nog schuil onder de grond. Een sluipschutter hield zich op in een watertoren.

L_2

Vandaag bleef het rustig. De sluipschutter liet niet van zich horen en geweerschoten hoorden we alleen in de verte. Na een paar uur vertrokken we weer. Voor vier uur moesten we thuis zijn omdat de checkpoints van Assad dan weer bevolkt zouden zijn. Het liep echter anders. Omdat de Koerdische regio in Syrië is afgesloten van de buitenwereld is er een schrijnend gebrek aan benzine. Onderweg hadden we al meerdere keren gevraagd of er nog ergens iets te krijgen was, maar steeds kregen we nul op het rekest. Na een paar kilometer raakte de benzine op, precies voor de ingang van een Syrische legerbasis. Na een minuut startte de auto weer en reden we verder tot een stadje waar we twee liter benzine in een colafles kochten.

_MG_00534

Wegens de vertraging was het inmiddels nacht en door een gebrek aan elektriciteit was het aardedonker. We reden verder tot aan Qamishli, waar de fikser kebab ging halen in het centrum van de stad. ,,In het centrum heerst Assad, toch?” vroeg ik verbaasd. ,,Niet hier. Aan het einde van de straat pas,” zei hij en stapte uit. Hij rende de nacht in, de chauffeur volgde even later. Wij bleven achter in de auto. ,,Het was dus een set-up,” merkte de Zweed op. Ik keek de donkere winkelstraat in. Tien meter verder, op de hoek van de straat, stonden twee agenten. Langs de auto liepen winkelende mensen. We trokken onze sjaals tot ver over ons gezicht en grinnikten. Het was het hol van de leeuw, maar ze zagen ons niet.

Al etende reden we verder. Af en toe keek een Arabier ongelovig de auto in, maar door de honger besteedden we er geen aandacht meer aan. Toen we de stad bijna uit waren raakten de fikser en de chauffeur in een verhit gesprek. We stopten, reden door en toen ineens passeerden we een checkpoint van het Syrische leger. ,,Was dat Assad’s leger?” vroeg de Zweed ongelovig. De fikser draaide zich lachend om en gaf ons de vijf. Hij had gegokt en gewonnen. Bij het verlaten van de stad wordt er minder goed gecontroleerd dan wanneer je de stad binnenrijdt, zei hij. Daarnaast verwachten ze hier geen buitenlanders.

Wat gebeurt er eigenlijk als ze ons te pakken krijgen, vroeg ik achteraf: ,,Dan gaan ze eerst thee met jullie drinken en hun Engels oefenen,” zei de fikser. ,,Daarna brengen ze je naar Damascus en schieten ze je dood.” Hij vormde met zijn wijs en middelvinger een pistool en hielt dit tegen zijn hoofd. ,,En ik kom in de gevangenis,” voegde hij daar aan toe terwijl hij de denkbeeldige trekker overhaalde. De chauffeur glimlachte, wees naar zichzelf en stak zijn duim omhoog. Hij was een goede chauffeur gebleken. En wij hadden waar we voor kwamen: een berg goede verhalen.

Advertisements